Daan

zondag 8 januari 2017

Kerstkransje


Ik ga even boodschappen doen, roep ik. Daan schiet overeind. Wacht op mij, ik ga ook mee. Ik zucht….boodschappen doen met Daan kan topsport zijn. Soms wil meneer nog in het  zitje in het wagentje zitten, wat met een lijf van een 11 jarige echt niet meer past. Laat staan dat zijn flexibiliteit van een hard houten plank ook niet echt meewerkt om hem in het wagentje zelf getild te krijgen. Dus als alternatief wil hij nu dan op het plankje staan. Dat plankje waar je een kratje bier of een zak aardappelen op legt, maar waar wat niet bestand is tegen het gewicht van een 11 jarige jongen. Maar als we rustig rijden, dan lukt het net. Alleen zie ik niet meer waar ik stuur. Daan wijkt ook geen centimeter naar links of rechts. Dus terwijl ik probeer om het karretje niet te laten kiepen, kijk ik langs hem heen om geen ander winkelend publiek onderste boven te rijden.
Deze dag heb ik geluk. We zijn al bij de supermarkt waar ze geen mini winkelwagentjes, ofwel sjeeskarretjes, hebben. Dat zijn ook van die heerlijke dingen…waar onze meiden ook maar al te graag wedstrijdje mee doen. Gelukkig zit er soms een vlaggetje op waarmee je het wat kunt sturen. En verder roep ik tig keer ‘niet rennen met je wagentje, ik doe dat toch ook niet’. Dat is het enige dat lijkt te werken…gelukkig komt er een ander kindje net zo hard aangerend die vervolgens bij een andere mevrouw op haar hielen rijdt. Pfiiieeeuw….er zijn meer van zulke kinderen net zoals die van ons. Maar goed, Daan is vandaag in zijn goede bui. Hij schopt geen scene, omdat hij niet in het karretje mag. Ik kan hem zelfs omkopen om niet op het plankje te gaan staan door hem te beloven dat hij mag scannen. Een super oplossing voor kinderen die graag met winkelwagentjes door de winkel racen, in stoeltjes willen zitten, waar ze niet meer in passen of op het bierplankje willen staan, tot het karretje omkiept.

 Daan rent vooruit en pakt enthousiast een scanner die oplicht. Dat deze eigenlijk bedoelt was voor de meneer die zojuist op het knopje had gedrukt, doet hem niks. Sorry, zeg ik en sjees met mijn karretje achter een over enthousiaste Daan aan. Moeten we deze, vraagt hij, of deze? Terwijl hij van alles pakt en in het wagentje gooit, leg ik alles weer terug waar hij het heeft gepakt. Ik ben blij dat het scannen hem nog niet zo vlotjes afgaat. Dat scheelt mij weer wat artikelen verwijderen. Inmiddels is Daan wat minder hyper en samen lopen we door de winkel. Hij houdt de scanner vast, drukt op het knopje en ik probeer de streepjescode in het rode licht te krijgen. Iedere keer als ik omhoog ga, gaat hij met de scanner omhoog. En zit uiteindelijk de streepjescode dan eindelijk in het rode veld, laat hij het knopje los. Zo werk ik het boodschappenlijstje af.

 Aangekomen bij de zelfscan kassa, geeft Daan vlotjes de scanner af. Heb je alles kunnen scannen, vraagt de kassamevrouw. Ja, antwoord Daan kort maar krachtig. Wil je misschien ook nog een koekje, vraagt de kassamevrouw met haar allervriendelijkste ik-kan-goed-met-kinderen-omgaan-stem. Daan wordt hier echter niet warm of koud van. Hij werpt een blik in het bakje waar de kerstkransjes in zitten. Nee, zegt hij kortaf, dat vind ik vies. Ik voel een kleine blos opkomen en verontschuldig me terwijl ik tegen  Daan zeg, nee dankjewel zeg je dan. Daan kijkt me aan. Kijkt weer naar de kassajuffrouw die nog steeds het bakje met kerstkransjes vast heeft. Nee dankjewel, zegt hij, die vindt ik smeejug.  

Stikkel

We zitten in de auto onderweg naar huis. En als we in de auto zitten, praat Daan graag. Daan praat eigenlijk altijd graag en veel. Maar in de auto komen vaak de verhalen. Over alles wat hij onderweg ziet en wat hij graag met de andere autopassagiers wil delen. Die hebben hetgeen vaak zelf ook gezien, maar moeten dit dan nog een keer, of twee, aan meneer bevestigen. Erg vermoeiend, maar vaak komen er ook leuke verhalen. Zo ook deze keer.

Daan zit naast me voorin. En terwijl ik me op het verkeer concentreer, vertelt hij uit het niks ineens dat hij geen kurlen meer heeft. Nee, hij heeft voortaan een stikkel. Ik heb zijn gesprek gevolgd en weet dus dat hij het over zijn haar heeft, maar Juul vangt alleen maar het woord stikkel op. Mama, wat is een stikkel, vraagt ze. Voor ik kan uitleggen dat Daan daar stekeltjeshaar mee bedoelt, wat hij overigens ook niet heeft, net zoals de krullen die ontbreken, is Daan me voor. Nou kijk, zegt hij en dan komt de uitleg.

 Je krijgt een haartje op je hoofd. Kijk zo, en hij plukt aan zijn haar. Juul zit achter hem in een donkere auto en kan dit dus niet zien. Maar zijn verhaal gaat verder. En dan doe je zo, even wrijven en hij wrijft door zijn haar alsof hij zijn haren aan het wassen is. Voor Juul is het echter nog steeds niet duidelijk. Dus op haar ‘ja en?’ gaat meneer verder met zijn uitleg. Je krijgt een haartje op je hoofd, even wrijven en dan……uuh, en dan…….het is stil. Daan denkt na over hoe hij het nu het beste verder uit kan leggen. Ondertussen zitten we nog steeds in de auto en rijden we langs een grote verlichte kerstboom. Ineens is het hem duidelijk. De uitleg over een stikkel gaat verder. Voor de derde keer begint hij met zijn uitleg. Je krijgt een haartje op je hoofd…je doet even wrijven en dan, en dan…..dan vraag je aan de kerstboom of je een stikkel mag. Ja, zegt hij, zo is het. Iedereen in de auto moet lachen, Daan lacht hard mee. Dus Juul weet je nu wat een stikkel is, vraag ik haar. Niet echt, antwoord ze lachend om Daan zijn vreemde verhaal. Nou, zegt Daan om het verhaal compleet te maken, dan doe je Joris en de Draak zeep in je haren en dan zijn je stikkels weg. Zo simpel is het, dat iedereen nu weet wat een stikkel is. Wij hebben er weer een nieuw woord bij geleerd.

Carnaval


Nog maar enkele weken en dan breekt in sommige delen van het land de gekste tijd van het jaar weer aan. Carnaval! Iedereen duikt onder in een wereld van verkleedpartijen, serpentines, hossen en springen en hoempapa muziek. Het lijkt wel of gedurende deze dagen de wereld voor de carnavalsvierders even stil staat. Sommige winkels zijn gesloten, mensen lopen overal verkleed rond en zo kan het dus gebeuren dat in de rij bij de kassa achter een man met een ongeschoren baard in een of andere piratenoutfit staat. Want niet alleen de kinderen lopen deze 5 dagen verkleed rond….

 Jaren geleden had ik een fanatieke carnavalsvierder als lieftallige man. De wagens werden meegebouwd, iedere week was er vanaf de 11e van de 11e wel ergens een of ander carnavalsfeestje te vieren en zo kon het gebeuren dat we eind januari verkleed in de bioscoop zaten. Het was onze allereerste date en we zouden naderhand nog naar een verbroederingsfeest gaan. Nog nooit van gehoord, maar ik ging deeply in love graag mee. Maar om nou eind januari verkleed in de bioscoop te gaan zitten. Dus besloot ik alleen het bovenstuk van mijn pak aan te trekken, dit zat onder mijn jas en als ik die in het donker uit zou doen en voor het einde van de film weer aan zou doen, zou niemand er iets van zien. Helaas dacht mijn man daar anders over. Toen ik bij hem aankwam, stapte hij in vol ornaat berkleed naar buiten, compleet met gekke muts, waar je echt niet om heen kon kijken. De liefde zat diep, want ik ben trouw naast hem gaan zitten in de bioscoop. Weliswaar wat weggedoken in de stoel en de kraag van mijn jas hoog opgetrokken, maar ik zat naast hem.

 Een aantal jaren later kregen we Daan. Ons bijzondere mannetje welke niet van al die vreemde dingen hield. De drumband bij de intocht van Sinterklaas, Zwarte Piet himself, de cliniclowns, carnavalsmuziek, mensen die verkleed waren, de hoempapa muziek. Alles was voor hem teveel. Hij raakte compleet overstuur en de paniek was in zijn ogen te lezen. Dus al die jaren meden wij het carnavalsleven. Tot er ineens een omslag kwam bij Daan. Vraag me niet waardoor, maar Daan is helemaal fan van alle carnavalskrakers. Hij zingt en danst de hele kamer rond. Vraagt om carnavalsnummertjes en zingt ze uit volle borst mee. Verkleden is leuk, zolang hij zijn K3- jurk aan mag en hij hoeft het woord carnaval maar te horen en meneer stuitert door huis. Dus dit jaar hebben we besloten om weer eens carnaval te gaan vieren. Nu maar hopen dat meneer het net zo leuk vindt als de liedjes die we thuis draaien.

zondag 1 januari 2017

Familie Flodder, de Stampertjes en Floddertje

Kennen jullie ze ook? De familie Flodder? Of de stampertjes van Pluk van de Petteflet? Weetje wel ma Flodder, met haar laarzen, bloemtjesschort, vette, sliertige haar en een dikke sigaar in haar mond? Of de stampertjes? Die kinderen met dat pluizig, piekend haar. Of wat te denken van het meisje Floddertje en haar hondje Smeerkees. Dat meisje dat nooit langer als vijf minuten schoon kon blijven? En natuurlijk niet te vergeten Pippi Langkous. Ik ken ze wel, sterker nog. Ik zie ze dagelijks. De stampertjes, Floddertje en ma Flodder. Ik denk dat wij voor deze personen als rolmodel hebben gediend. Volgens mij hebben ze naar ons gezin gekeken en toen deze personages bedacht. Dat moet haast wel zo zijn gegaan.

Voor sommige mensen is dit bijna niet voor te stellen. Zij hebben kinderen welke altijd met netjes gekamde haren rondlopen, welke kleren aan hebben die bij elkaar matchen, waar moeders niet met een nat gezeverde vinger een melksnor weg proberen te poetsen. Zij hebben geen wegwerp panty’s, hun kleding zit niet vol kattenhaar of hondenkwijl. De auto is geen rijdende vuilnisbelt, het huis is opgeruimd en zij koken braaf iedere avond een verantwoorde maaltijd welke niet uit friet, pizza of pannenkoeken bestaat. Hun kinderen staan perfect op de schoolfoto’s die ieder jaar worden gemaakt. Die van ons niet. Die staan er op hoe ze zijn, compleet met piekharen, oude kleding (oeps vergeten dat de schoolfotograaf die dag kwam) en soms zelfs met een melksnor.

Nu is het niet zo dat wij hier iedere dag friet, pizza of pannenkoeken eten. En ook ik kan echt wel een verantwoorde warme maaltijd op tafel zetten. Onze meiden hebben allemaal leuke kledingsetjes in de kast hangen, onze jongens vegen heus weleens hun mond af, aan hun mouw. Een maillot of panty gaat bij mij ook al twee dagen mee en niet al mijn kleding zit vol kattenhaar of hondenkwijl. Mijn jas ziet er bijvoorbeeld best netjes uit. Maar weet je wat het is….onze meiden matchen zelf hun door mij zorgvuldig samengestelde kledingsetjes door elkaar. Zo komt Juul beneden in een thermolegging met kniekousen er over heen en ballerina’s aan haar voeten. Maar dat is altijd nog beter als Pleun die in een driekwart legging op teenslippers naar beneden komt, gecombineerd met een fleecevest, want het is best koud buiten. Gijs kent inmiddels de opmerking ‘bewaar je dat voor morgen’ en veegt dan keurig zijn mond af aan zijn mouw of vest. Nu moeten we hem alleen nog leren dat je dat ook met een papiertje, een handdoek of je handen kunt doen. Gelukkig kleden we Daan zelf aan, dus zijn kleding past bij elkaar. Dat hij vervolgens zelf nog een hoedje op zijn net met gel gestylde haren zet, is iets waar we nog aan werken.

Zelfs met mij komt het wel goed. Tijdens de kerstdagen had ik een mooi zwart jurkje aan, een dunne panty en hakschoenen waar ik de hele dag op heb gelopen. Ik heb gewoon zelfs pas aan het einde van de dag een ladder in mijn panty getrokken  Mijn haar zat goed in de krul, mijn make up zag er mooi uit. Kortom het was net echt. Tot ik tijdens een toiletbezoek ineens een scheur voelde. Niet gewoon een scheurtje, nee een scheur-scheur…. In mijn kerstige jurk zat gewoon een scheur. Gelukkig viel daar net een gedrapeerd stukje stof overheen en viel het niet op mits ik er voor zorgde dat dat gedrapeerde stukje stof wel op de juiste manier gedrapeerd was. Gelukkig ging alle aandacht naar Pleun haar piekharen, tja vergeten waar een borstel voor was, Gijs zijn melksnor, niet gevraagd of hij het voor de volgende dag wilde bewaren, Juul haar zelf bedachte kledingcombinatie en Daan zijn hoedje wat vol zat met gel. De enige die een beetje buiten de toon viel was manlief, hij was namelijk perfect glad geschoren, zijn kleren waren scheur- en vlekvrij. Zijn haren zaten goed in de gel, hij rook heerlijk naar after-shave en hij had zijn tanden gepoetst. En het allerbelangrijkste…hij had geen melksnor.

 

 

Slaap

Ik weet niet hoe het komt, maar iets in mij is veranderd. Waar ik vroeger nog tijdens een feestje aan de hangtafel in slaap kon vallen, oeps, lijkt dit heel lang geleden. En vraag mijn vrienden wat er gebeurd als ik tijdens een spelletjesavond zeg ‘ik voel een dipje aankomen’. Dat kunnen jullie vast wel raden. Voor degene die toch graag nog wat toelichting willen….ik kondigde het altijd netjes aan, om vervolgens vrijwel meteen mijn ogen te sluiten terwijl ik zelf nog in de veronderstelling was dat ik ze open had en deelnam aan het spelletje. Totdat manlief een harde klap op de tafel gaf, ik een halve meter van mijn stoel omhoog schoot, nog net mijn kwijl naar binnen kon slurpen en doodleuk vroeg sliep ik? Onvoorstelbaar, maar ik kon en misschien kan, als ik het weer ga trainen, echt overal slapen. In de auto, hangend aan een hangtafel, op een barkruk, in de bioscoop, tijdens een jeepsafari op Malta, in de trein, op het peuterstoeltje tijdens mijn werk op het kinderdagverblijf….werkelijk waar overal kon ik slapen. Maar dat is nu verleden tijd.

Op de een of andere manier is er iets veranderd. Vraag me niet hoe dit komt, maar het is ineens weg. Nou ja, weg is een groot woord, want als ik op de bank ga zitten, wat overigens een vrij zeldzaam iets is, dan kan het zomaar gebeuren dat er een film wordt opgezet welke ik graag wil zien en waarvan ik na tien minuten niet meer weet wat de hoofdrolspeler ook alweer aan het doen is. Maar over het algemeen ben ik  meer en langer wakker. Mijn nachten zijn regelmatig erg kort en waar ieder ander normaal persoon overdag om zou vallen van de slaap, word ik alleen nog maar actiever. Of hyperder zoals mijn lieve man het noemt. Waar hij snurkend op de bank ligt, freubel ik nog even een nieuwe workshop in elkaar. Een enkele keer is hij al naar boven. Half slapend vraagt hij dan hoe laat het is, meestal is het dan een dat-wil-je-niet-weten-tijd.


Vannacht was het oudjaar. Mijn voornemen was echt om het niet al te laat te maken, maar toen kwamen de buren nog een afzakkertje halen en voor we het wisten was het half 6 in de ochtend. Gaan we wel of niet meer naar bed was de vraag. Nou, zei ik, ga jij maar naar bed, dan blijf ik wel wakker. De kinderen zullen over een uurtje ook wel weer acte de présence geven. Wat ga jij dan doen vroeg hij. Oh, ik denk dat ik de keuken ga schilderen. Dat moet ook nog gebeuren. Even een kleine note, ik had niks gedronken, althans geen alcohol. En ik was hartstikke fit, die keuken schilderen zou een eitje worden. Nadat manlief naar boven was vertrokken, besloot ik aan de slag te gaan. Helaas kreeg ik de contactdozen er niet af, dus de keuken schilderen viel af. Ook mijn berg strijk lag nog boven en ik wilde de kinderen niet vroeger wakker maken dan nodig. Nog heel even wilde ik genieten van de stilte in huis. Toen ik wakker werd met mijn hoofd op het aanrecht, omdat ik daar was gaan hangen om op mijn telefoon te fb-en, besloot ik dat ik de slaap toch nog maar een kans moest geven.


Om 7 uur lag ik in bed, om 8.45 uur was ik weer beneden met 3 van de 4 kinderen.
Of ik nu niet moe ben? Of brak? Of geradbraakt? Of duf? Of een knallende hoofdpijn heb? Op alle vragen kan ik volmondig nee antwoorden. Ik heb het gevoel of ik even de muziek heel hard moet zetten en al springend en dansend door de kamer moet gaan, misschien durf ik zelfs wel een rondje te gaan hardlopen, niet dat ik aan hardlopen doe, maar nu voel ik me alsof ik dat op mijn sloffen kan. Om het mezelf makkelijk te maken, denk ik dat ik toch maar de keuken ga schilderen, als manlief de weg naar beneden heeft gevonden en de contactdozen heeft verwijderd. En anders heb ik als alternatief nog een berg strijk liggen…..

Vuurwerk

Gisteren was het oudjaarsdag. Er werd volop geknald. Eigenlijk knalden ze bij ons al een aantal weken allerlei knallen en pijlen de lucht in. Maar gisteren overdag was het hek van de dam. En de knallen leken ook met iedere knal harder te worden. Onze hond was al weken extra alert en in de stress als er tijdens de uitlaatrondes een knal klonk. Erg fijn, want ze is al een miepdoos als het om het perfecte plekje gaat, waar ze haar grote boodschap achter wil laten. En als je dat dan eindelijk is gelukt en mevrowu eindelijk na veel draaien wil gaan zitten, dan is dit spontaan klaar wanneer er een knal klinkt. Nog voor ze in de juiste houding zit, staat ze al met haar neus naar huis, riem op spanning en vlug wegwezen….bedankt knallende pubertjes, nu kunnen we later nog een keer een rondje lopen.

Ook Daan was niet gediend van de knallen en het vuurwerk. Eigenlijk is dit al jaren zo en meneer slaapt dan ook tijdens het afsteken van vuurwerk gewoon door. Dit jaar leek het echter erger. Zo durfde hij gisteren niet eens bij ons achter te komen, want daar knalde het het meeste. En werd ons regelmatig gevraagd of we het vuurwerk niet uit konden zetten, want hij had er last van. Ik vin het irritaaaant, aldus Daan zelf. Ik hield mijn hart vast voor wat er die nacht nog ging komen. Vrienden kwamen op visite, we hebben heerlijk gegeten, maar Daan was er al snel mee klaar. Ik wil naar bed, morgen is vuurwerk weg. Dus zo kon het gebeuren dat meneer om 19 uur in bed lag. Geef hem eens ongelijk, des te eerder ben je er vanaf.

Gijs echter, wilde wel wat vuurwerk afsteken. ’s Nachts met papa, maar overdag zelf al een beetje. Ook dit kon Daan niet waarderen en er werd dan ook regelmatig geroepen ‘Gijs kom naar binnen, er is vuurwerk’. Gelukkig was meneer ’s avonds snel in slaap. Na iedereen gelukkig nieuwjaar te hebben gewenst, ging ik ook nog even bij ons mannetje kijken. Waar hij de voorgaande jaren als een roosje door het vuurwerk heen sliep, lag hij nu mopperend en met zijn handen op zijn oren in bed. Isse vuurwerk klaar? Ik vin irritaaaant! Zo zielig, want het nieuwe jaar was net tien minuten oud. Gelukkig kon ik het oplossen door zijn radio met snoezelmuziek op een geluidsniveau van discotheek te zetten en tevreden ging hij weer slapen.

Vanmorgen vroeg was hij er weer. Ontspannen en opgelucht, want het vuurwerk is weg, Toen de telefoon ging en oma belde, wilde hij ook even met oma praten. Groot was mijn verbazing tijdens dit gesprek. Gelukkig nieuwjaar, zei Daan, wij gaan dadelijk vuurwerk afsteken. Huh?? Wie ben jij en wat heb je met mijn Daan gedaan, dacht ik. Het werd echter nog vreemder, want toen ik zei dat het vuurwerk voorbij was, werd meneer boos. Ik wil vuurwerk afsteken, vuurwerk moet nog komen. Ik vind vuurwerk leuk….huh??? Zou de snoezelmuziek op discotheek geluidssterkte dan toch iets teveel van het goede zijn geweest? Straks toch maar even de sterretjes en knalerwten zoeken, de pffiieeeuuw geluiden maken we er zelf wel bij!

zaterdag 24 december 2016

Kerst


Het was ruim een half jaar geleden dat ik op een woensdagochtend in de winkel van Kim aan het helpen was. Er kwam een vrouw de winkel binnen en ik groette haar net zoals iedere andere klant. Ik wilde net een praatje beginnen toen ik zag dat ze aan het bellen was. Aangezien er verder niemand in de winkel was en ze in de buurt van de toonbank bleef staan, viel het me op dat ze enigszins emotioneel was. Na haar telefoongesprek vroeg ik uit beleefdheid of het wel ging met haar waarop ze nog meer moest huilen. Ik schrok eigenlijk een beetje, want dit was niet mijn bedoeling geweest.

Dit was mijn eerste kennismaking met Khatuna. Na haar op een stoel te hebben gezet en haar een glaasje water te hebben gegeven, raakten we aan de praat. We vertelden elkaar oppervlakkig over onze kinderen. Ik vertelde haar wat over de winkel en toen was het tijd voor haar om haar jongste dochter van school te halen. Haar oudste dochter was thuis bij haar vader, zij kon vanwege haar speciale zorgvraag niet naar school. De vrijdagochtend erop was ik weer in de winkel en weer kwam Khatuna langs voor een praatje. Al gauw zag ik haar eigenlijk bijna iedere keer als ik in de winkel was.

Langzaamaan vertelden we elkaar meer en kreeg ik van har meer te horen. Bij alles wat ze vertelde , kreeg ik meer en meer het besef hoe blij ik eigenlijk moest zijn met ons leven. Met ons huis, met alles wat we hebben. Dat dit niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Khatuna heeft dit alles namelijk niet en toch blijft ze positief en heeft ze vertrouwen in ons land. Khatuna en haar man en twee kinderen wachten al meer als zeven jaar op een verblijfsvergunning. Er moet nog steeds besloten worden of ze wel of niet in Nederland mogen blijven. Zij hebben geen thuis en gingen van het ene huis naar het andere. Gelukkig heeft de gemeente zich ingezet voor hen en kunnen ze nu even daar blijven wonen waar ze nu wonen. Maar nog steeds met de onzekerheid of ze hier definitief mogen blijven of weer terug moeten naar Georgië.

Ik kon niet veel voor haar betekenen. Ik kon alleen een luisterend oor bieden. En ik nam speelgoed of kleding mee waar onze kinderen niet meer mee speelden of wat ze niet meer pasten. Nadat ze me vertelde dat haar man het even niet meer zag zitten en zij ook intens verdrietig was, hebben we ze een middag opgehaald om bij ons door te brengen. We hebben samen met de kinderen geknutseld, we hebben samen gekookt en gegeten. Ze hebben even een middag afleiding gehad en genoten van iets wat in onze ogen heel normaal is. Al gauw kregen we een uitnodiging of we bij hen op bezoek wilden komen. De tafel stond vol met lekkers, terwijl we weten hoe weinig ze te besteden hadden. Op dat moment voelde ik me toch wel even volschieten. Dat ze dit zo graag voor ons wilden doen. We hebben een hele fijne middag doorgebracht en de kinderen hebben heerlijk samen gespeeld.

Nu is het bijna kerstmis. Een tijd waarin we wat meer stil staan bij wat we allemaal hebben. Een fijn huis, een dak boven ons hoofd, lekker eten, kadootjes onder de boom, warme kleding, speelgoed. We hebben meer dan genoeg van alles. Alle reden om dankbaar voor te zijn. Om ook onze kinderen bij te brengen dat niet alles vanzelfsprekend is, praten we regelmatig over Khatuna en haar gezin. Aangezien dit mensen zijn die ze kennen en dit daarom wat dichterbij hen staat, dan alle andere families die in oorlog leven, op straat zwerven of in onzekerheid leven. We vertellen ze dat je best stil mag staan bij anderen die het minder goed en fijn hebben.

Om het niet alleen bij praten over te laten hebben we dit jaar besloten om Khatuna en haar gezin op te halen om samen met ons kerstmis te vieren. We hebben kadootjes voor haar kinderen en voor haarzelf gekocht, we hebben lekker eten en we maken er samen een mooie kerstdag van. Wat voor ons een kleine moeite is, is voor hen iets wat hopelijk voor een mooie, onvergetelijke herinnering zorgt ongeacht hoe hun toekomst eruit ziet. Kerst vier je samen!